Als je bent gekomen aan de grens van alles dat je weet, kunt en denkt dat je ooit zou durven,
bedenk dan dat je voet altijd iets zal vinden om op te staan of dat je plotseling leert vliegen.

China, een verwonderde balans
PDF Afdrukken E-mail

Terug van een vakantie in een fascinerend China probeer ik voor mezelf wat greep te krijgen op waar die fascinatie aan vast zit. Ik ben geen sinoloog en heb me nog nooit echt in taal of cultuur verdiept. Het is de fascinatie van iemand die door zijn Nederlandse vooroordelen heen naar een vreemd land kijkt.

Laat ik beginnen op het niveau van het zichtbare. Bijvoorbeeld. Mijn zoon trouwde eerst in Nederland met een Chinees meisje en drie weken later deden we de Chinese ceremonie voor de familie en vrienden van de Chinese kant over. Dan valt op hoe “talig” en saai wij zijn. Een Nederlandse huwelijksceremonie is een ritueel waarin je lichtelijk verkleed in trouwjurk en net pak naar een boel woorden luistert, “Ja” zegt, ringen uitwisselt en kust, eventueel begeleid door stemmige en passende muziek. Een Chinese bruiloft is een ceremonie met veel afwisseling, muziek en kabaal, kleine rituelen en symbolen, gebaseerd op gedachten als verbinding met en respect voor de familie en vooral de wederzijdse ouders, persoonlijke aandacht voor  en verbinding met alle gasten. Er wordt veel gelachen, alle ernst die toch ook aan een verbinding als een huwelijk kleeft wordt speels omkleed met humor en relativering.

Het zichtbare… Het accent in het bezoek lag in Beijing. Een stad met 17 miljoen inwoners en waarschijnlijk meer. Vrijwel geen laagbouw meer. Het aantal inwoners per vierkante kilometer is extreem hoog en veel leven vindt, zeker zomers, op straat plaats. Het is er dus extreem druk, zoals het overal in China extreem druk lijkt te zijn, behalve in de niet toegankelijke natuurgebieden en op het platteland. Het verkeer is er voor Nederlandse begrippen chaotisch, fietsers, al dan niet met laadbaak achter de fiets, doorkruisen de banen op de wegen waar je 80 mag rijden met ware doodsverachting, Men toetert als men iets wil en doet het dan ook. Maar het lijkt erop dat als je iets wil, men dat met respect beziet en je de gelegenheid geeft. Overal is “nering”. Soms in winkeltjes, soms op matjes op het trottoir, soms door in oudere gebouwen in hokjes van een paar vierkante meter je waren tentoon te stellen, soms in gigantische shopping malls, waarin allerlei zelfstandig gevestigde winkeltjes en eettentjes, nagelstudio’s, speelhallen en massagesalons zitten. Bij alle toeristische trekpleisters wordt agressief verkocht. En vaak zijn het ouderen, die met ansichtkaarten leuren, zijden sjaaltjes, T-shirts, jaden hangertjes of wat dan ook. Overal lopen straatvegers en iedereen gooit ook zijn rotzooi gewoon op straat, want het ligt er toch nooit lang. Ook daar zijn weer veel ouderen onder.
Het zichtbare: als je gaat tanken staat er eerst iemand die je je pomp wijst, dan iemand die je tank volgooit en weer een derde int je geld. Het jonge kapitalisme gaat gepaard met een bijna massaal handelen en sjacheren en met een aantal extreem rijke en krachtige bedrijven die de toon zetten, waar ook in onze ogen buitengewoon veel mensen aan het werk zijn, veel meer dan nodig lijkt.
Het zichtbare: Zoals veel in China is het toerisme geconcentreerd en gekanaliseerd. Het vindt plaats in parken en opengestelde bijzondere plekken. We zijn in het Chinese deel van het Tibet-massief geweest en in het zuiden bij de Li-rivier. Om de bijzondere plekken staan hekken. Er zijn fraai ouderwets vormgegeven toegangspoorten (zelfs de tolpoorten op de weg naar het vliegveld van Beijing lijken uit de Qing-dynastie te stammen), je moet betalen, er zijn  toiletten en keurig aangelegde paden en trappen, gidsen en intern busvervoer en kabelbanen. Daar buiten is niets toegankelijk, alles wordt geconcentreerd en is daarmee onder control. Het enige bezwaar is dat je in lange rijen met 20.000 bezoekers tegelijk langs mooie plekjes wandelt. Je bent nooit alleen. Mijn lieve vrouw verzuchtte na een paar weken dat ze naar de bossen in de Ardennen of de Franse Alpen verlangde, niet om het landschap, want China is soms feeëriek mooi, maar om alleen en vrij in de natuur te kunnen zijn. 

Het gedeeltelijk zichtbare: China heeft uit het Taoisme en stel prachtige waarden overgehouden die veel te maken hebben met respect, harmonie, holisme, gastvrijheid en hulpvaardigheid, maar ook niet aflatende toewijding en ijver. De onbevangen openheid en nieuwsgierigheid voor de buitenwereld die we bijna dagelijks hebben ervaren zijn waarschijnlijk minder oud. Je merkt het dagelijks, maar veel ervan staat ook in het jonge kapitalisme onder druk en er zullen nieuwe vormen ontstaan. Zelfs de kapper probeert en zelfs met buitenlanders waarmee hij geen verstaanbaar woord kan wisselen, eerst een persoonlijke band op te bouwen voor hij ook maar iets met je haar wil doen. Er staan vijf chinezen hun in dit geval gebrekkige kennis van Engels te verzamelen om met je te kunnen communiceren. Het niveau van klantgerichte dienstbaarheid grenst aan het ongelofelijke. Mijn schoondochter kreeg in het reisbureau op alles haar zin, ook op het achteraf onmogelijke en toen het onmogelijke ter plekke bleek, werd uiteindelijk ook ter plekke terugbetaald wat niet kon doorgaan. We zijn buitengewoon gastvrij ontvangen door iedereen die in de wereld van mijn zoons schoonouders thuishoorde, familie en vrienden. Men deed heel erg zijn best om ons het gevoel te geven dat we werden opgenomen in hun relatiekringen. Het voelde warm, veilig en welkom. En beleefdheid hoefde niet, we werden ook flink geplaagd en uitgedaagd om terug te dollen. De druk die het kapitalisme erop legt heeft te maken met de groeiende kloof tussen arm en rijk en het binnen het kapitalisme bijna niet meer op te brengen beroep op solidariteit binnen de families. Er zijn alleen maar een-kind-gezinnen en er is voor zover ik weet alleen onder ambtenaren een beetje sprake van pensioen. Dat betekent dat een getrouwd stel drie gezinnen (zichzelf en de beide ouderparen) heeft om in leven te houden en de doktersrekeningen te betalen. Vandaar dat je oudere vrouwen spulletjes ziet verkopen op straat, de oudere mannen en vrouwen de straat ziet vegen voor winkels en restaurants en dergelijke. Je moet wat als je inkomen wegvalt. Ik heb de indruk dat er veel wordt gespaard en weinig wordt geleend.
Veel relaties, ook rond werk en ondernemen zijn sterk informeel gekleurd. Er wordt vaak smeergeld betaald en er is veel nepotisme rond werk en baantjes. Maar het blijkt ook op een hele vrolijke manier. We hebben bijna twee weken op de campus van de Jiao Tong Universiteit in een hotel gelogeerd. Mei is de afstudeermaand. Afgestudeerden paraderen in toga met faculteitskleuren over de campus en zetten elkaar op de foto bij alle bezienswaardigheden, waaronder het standbeeld van Stoelman Mao. Maar niet alleen de studenten. De afstudeerhoogleraren lopen ertussen en laten zich, een vliegtuig uitbeeldend of stoer op een bankje liggend, mee fotograferen. Probeer je dat eens in Nederland voor te stellen, ik kreeg er in ieder geval lachbuien van. Maar het gevolg van dat soort relatiepatronen is wel dat correcties vanuit klantperspectief op een wat grotere schaal moeilijk zijn. Mijn schoondochter kreeg het teveel betaalde van het reisbureau snel terug, omdat de eigenaar ervan familie bleek. De relatie tussen klant en top was informeel belangrijker dan alle tussenliggende relaties binnen de keten van het reisbureau in Beijing naar de lokale uitvoerders. Als dat niet zo is, en hoe vaak zal je als buitenlander die daar zaken doet dat niet meemaken, heb je engelengeduld, veel relatiewerk, waarschijnlijk smeergeld etc. nodig om te kunnen  bijsturen als er iets gebeurt dat je niet wilt.

Wat het land fascinerend maakt, naast de schoonheid en de drukte, de Aziatische vreemdheid voor onze cultuurogen, is het ongelofelijke tempo waarin het zich ontwikkelt. Waar wij 150 jaar over hebben gedaan, qua economische ontwikkeling, verstedelijking, bouw van infrastructuur, wijziging van sociale verhoudingen, doen zij in een paar decennia. De metro van Beijing is in een paar jaar verzevenvoudigd. Guilin, een “stadje” in het zuiden, is in 20 jaar gegroeid van 450.000 inwoners naar iets van 6/7 miljoen en daar zijn er tientallen van. En die hele ontwikkeling gaat gepaard met mondiaal denken en aandacht voor het milieu: dingen die wij pas na de voltooiing van onze infrastructuur en stelsels hebben opgepakt, pakt China in haar inhaalrace fanatiek mee. In Beijing is bijna geen “Oud-Beijing” meer over. Naast het grote cultuurgoed als de verboden stad dat wordt bewaard is er een naar verhouding vrij beperkt gebied, De Hutongs geheten in het centrum, waar de oude stadsstructuren worden bewaard en gerestaureerd. En ook dat gaat weer gepaard met veel winkeltjes en restaurants, de Stokstraat in Maastricht in het groot. Ik vermoed dat de grote lijn van deze grootschalige snelle ontwikkeling nog een boel problemen en kosten gaat opleveren. Veel hebben ze opgelost met ongelofelijk hard werken en hardheid in de ingrepen (zie de bouw van de Olympische accommodaties waarvoor hele stadsdelen zijn weggevaagd). De milieuproblematiek is gigantisch (veel smog en vuil rivierwater, gigantische uitstoot en energieverbruik van de maakindustrie, etc), er is een snel groeiend generatieprobleem (de ouderen snappen het niet meer), sociale vangnetten zijn informeel en de kloof tussen arm en rijk is zo groot en schrijnend dat de oude waarden sterk onder druk staan. Chinese oplossingen bleken tot nu toe altijd hard en massaal. Ik vraag me af hoe dat vol te houden is in die informele cultuur, maar ja, ze waren dat van hun keizers eeuwen lang ook gewend

Ik heb een klein beetje gepraat met studenten, de kapper en een grote ondernemer, met de schoonfamilie en hun vrienden, maar niet met mensen rond politiek en bestuur, mijn eerste interesse. Wat ik daarvan merk is dus indirect en volstrekt ongeverifieerd. Wat ik merkte is dat overheidsdiensten voortdurend feedback vragen. Aan veel balies zitten apparaatjes met knoppen waarmee je je mate van tevredenheid over de behandeling kunt aangeven. Er staan billboards met telefoonnummers van klachtenlijnen voor de gemeentelijke diensten, de politie, de douane. In de kranten staan regelmatig de resultaten vermeld van die klachtenlijnen en wat de overheid daarmee doet en ook de Chinese televisie bericht daarover. Had ik eerlijk gezegd niet verwacht. Je stuitert nog overal tegen Stoelman Mao op. Maar mensen praten er genuanceerd over. Ze begrijpen dat de culturele revolutie in hun situatie een kennelijk onvermijdelijke fase was in de bevrijding van het juk van het feodale rijk. Veel mensen zeggen ook dat zij in hun leven veel positieve gevolgen hebben gezien van die culturele revolutie. Ze begrijpen ook, dat dit gepaard moest gaan met bijkomende schade, met onschuldige slachtoffers. Ik heb gesproken met een zakenman die op zijn 19e zijn moeder voor zijn neus vermoord heeft zien worden door jonge soldaten uit het rode leger omdat ze iets deed waarmee ze geld verdiende. Hij begrijpt het uit de hand gelopen fanatisme van zijn leeftijdgenoten toen. Men begrijpt ook hoe onder het regime van Mao de wetenschap en de kunst twee decennia zijn stilgelegd, omdat die werelden in de ogen van Mao de oude stelsels dienden. Ik heb een monnik (indirect via mijn schoondochter) horen uitleggen dat van zijn klooster bijna niemand de revolutie heeft overleefd omdat alles wat naar godsdienst rook werd gewantrouwd. Men ziet het en heeft het gezien. Ze zouden het beter kunnen accepteren, zeggen ze, als de leiding van de communistische partij haar excuses zou aanbieden voor die schade en aan de slachtoffers. Wat me verbaasde was de bijna alomtegenwoordige openheid waarmee over dit soort zaken werd gesproken door de mensen met wie ik, zij het kort en flardgewijs en door middel van een tolkende schoondochter in een groter gezelschap, heb kunnen praten. Als ik naar de groeiende maatschappelijke verscheidenheid kijk (jong/oud, arm/rijk, China kent veel subvolken en minderheden, meerdere talen) vraag ik mij af hoe lang het eenpartijstelsel zich staande weet te houden. En, als we nu toch in Nederland, in de marge van de verkiezingen, praten over vernieuwing van het huis van Thorbecke, ik vermoed dat er in China enkele tientallen steden zijn, die ongeveer net zoveel of meer inwoners hebben dan heel Nederland en toch gewoon door een gemeentebestuur worden bestuurd. Iets om even over na te denken….

Zoals er veel was om over na te denken, veel meer dan hier aangestipt…

 

 

 

 

 

 

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen